Evaluatie Ketensamenwerking Wonen Limburg

‘- Voor u gevonden op Internet –

In 2013 heeft Wonen Limburg een innovatieve selectieprocedure toegepast voor het selecteren van samenwerkingspartners om haar niet-planmatige onderhoud (NPO) uit te voeren, waarbij een betere samenwerking tussen de opdrachtgever en leverancier in de vorm van een ketensamenwerking centraal stond. Sinds 2014 is samen met zeven ketenpartners en een aantal verschillende disciplines aan co-makers de afgelopen 5 jaar binnen de ketensamenwerking gewerkt, met de gedachte dat er één keten is waarbinnen de verschillende ketenpartners samenwerken aan één doel: het op een zo goed mogelijke manier verzorgen van het niet-planmatig onderhoud voor de huurders.

Het niet planmatig onderhoud wat valt binnen de opgave beheer en onderhoud van Wonen Limburg. is een verzamelnaam voor werkzaamheden die lastig definieerbaar zijn binnen andere onderdelen van het beheer en onderhoud. Het betreft onderhoud dat wordt uitgevoerd op basis van reparatieverzoeken en niet specifiek is omschreven in een vastgesteld onderhoudsplan. Bij Wonen Limburg vallen reparatieverzoeken, mutatiewerkzaamheden en vraag gestuurd binnen onderhoud (VGBO) onder het NPO.

Inmiddels is het ketensamenwerkingstraject NPO circa 5 jaar ‘onderweg’. De huidige overeenkomsten met de ketenpartners liepen eind 2019 af. Het doel van Wonen Limburg is om inzicht te krijgen in het proces van ketensamenwerking binnen het NPO van de afgelopen vijf jaar, ter voorbereiding op een vervolg van de werkzaamheden, al dan niet in combinatie met een nieuwe aanbesteding. Wonen Limburg wil datgene wat de ketensamenwerking(en) heeft opgeleverd borgen en onderzoeken op welke wijze, al dan niet in de vorm van een nieuwe aanbesteding, dit vervolg kan worden vormgegeven. Via de nevenstaande link kunt u de gehele rapportage downloaden.

Faalkosten in de bouw lopen jaarlijks op tot miljarden euros

‘- Voor u gevonden op Internet –

https://insights.abnamro.nl/2019/04/faalkosten-in-de-bouw-lopen-jaarlijks-op-tot-miljarden-euros/

Leuk dat ABN in het onderzoek onder andere mijn promotieonderzoek naar faalkostenreductie in de bouw heeft gebruikt…. 🙂 ik vind echter wel dat ze zeer behoudend zijn met de schatting omtrent de hoogte van de faalkosten… mijn schatting ligt 4 maal hoger (20 procent) en daarbij zit ik in de range van een andere onderzoeker die in zijn proefschrift tot 15 procent kwam… Ondanks de grote inschattingsverschillen ben ik het eens met de stelling dat de sector nog steeds veel te weinig oog heeft voor continu verbeteren..

Hoe Poort6 samen met ketenpartners zijn reparatieproces repareerde

Een corporatie wil huurders snel en goed helpen zodra zij een defect melden. Daarbij komt het aan op soepel schakelen tussen callcenter, woningcorporatie en vakmannen. Als je hierbij werkt met externen, zoals Poort6, kan dat lastig zijn. Hoe deze woningcorporatie haar reparatieketen verbeterde met een aanpak die kosten reduceert én klanten blijer maakt.

Vakmannen zijn helden. Ze redden je, bijvoorbeeld als jouw cv-ketel op een koude dag ineens dienst weigert of als jouw toilet moet worden vervangen. Waardering gegarandeerd, zou je zeggen. Toch kan een vakman snel van hero naar zero gaan. Denk aan een situatie waarin jouw melding niet goed is opgenomen of doorgekomen. Dit kan betekenen dat de vakman de verkeerde onderdelen heeft meegenomen en nog een keer moet terugkomen. Dat is niet wat je wilt. Een huurder heeft meestal weinig begrip voor het excuus, dat er iets is ‘misgegaan in de communicatie’. En terecht.

Voor de rest van het artikel klik hier of gebruik de link naar de site waarop het artikel gepubliceerd was.

TNO Best Practices in de Bouwlogistiek

– Voor u gevonden op het web –

logistiek_in_de_keten_1_s3PXLh

Dit overzicht van best practices in bouwlogistiek bestaat uit een inventarisatie van verschillende bouwlogistieke oplossingen die zijn onderzocht en/of daadwerkelijk in de praktijk toegepast in de afgelopen 3 tot 4 jaren in de Nederlandse bouwsector. Veel van deze best practices zijn onderzocht en beschreven door studenten van de Hogeschool Rotterdam vanuit het SIA RAAK MKB-project “Duurzame Ketensamenwerking Binnenstedelijke Bouwprojecten”. Daarnaast zijn best practices opgenomen die zijn onderzocht en beschreven door de kennisinstellingen TNO, Hogeschool Utrecht, Hogeschool Amsterdam, TU-Delft. Nevenstaand de link naar de rapportage.

Bouwlogistieke oplossingen voor binnenstedelijk bouwen

– Voor u gevonden op het web –

In deze studie is, aan de hand van interviews met relevante gemeentelijke diensten in Amsterdam en betrokken private partijen in de bouwlogistieke keten van drie bouwprojecten in Amsterdam, een analyse gemaakt van de wijze waarop bouwprojecten in Amsterdam worden gecoördineerd met daarbij aandacht voor bouwlogistiek. Uit deze analyse volgt een aantal sterke punten van de
Amsterdamse aanpak:

  • het toepassen van een standaard werkwijze voor afstemmen van bouwprojecten (het coördinatiestelsel);
  • het opstellen van BLVC-plannen in de voorbereidingsfase van bouwprojecten, waarin de consequenties voor bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid staan beschreven evenals het communicatieplan naar de omgeving;
  • het inzetten van een bouwcoördinator in de voorbereiding en uitvoering van bouwprojecten in een stadsdeel voor de afstemming tussen alle betrokken partijen (zowel publiek als privaat);
  • het toepassen van modellen om de bouwlogistieke vervoersstromen te berekenen en de gevolgen op de totale verkeersdoorstroming.

Ondanks deze sterke punten in de huidige werkwijze is de Amsterdamse aanpak nog verre van optimaal en voor verbetering vatbaar. De genoemde sterke punten worden namelijk niet standaard en overal toegepast en het ontbreekt daarbij aan specifieke aandacht voor bouwlogistiek. Via nevenstaande link kunt u de rapportage lezen.

Resultaten Pilots Bouwlogistiek

– Voor u gevonden op het web en zeer lezenswaardig –

pilots

De rapportage geeft een overzicht van wat er in het TKI project “4C in bouwlogistiek” in twee jaar praktijkonderzoek is bereikt. In de periode van half 2014 tot en met half 2016 is in nauwe samenwerking tussen kennisinstellingen en bedrijven in onder andere twee concrete bouwprojecten de focus gelegd op verbeteringsmogelijkheden in logistieke processen in de bouwsector. Alle betrokken partijen waren zich bewust dat hierin grote stappen voorwaarts te zetten zijn, maar dat dit behalve opbrengsten ook investeringen vergt. Toch is het gevormde consortium deze uitdaging aangegaan. Eenieder was overtuigd van het nut en de meerwaarde van een goed en slim bouwlogistiek concept zowel op financieel vlak (verkorting van bouwtijd en vermindering van logistieke kosten en faalkosten) als op het gebied van duurzaamheid (uitstoot schadelijke emissies, verkeersveiligheid, etc.). Via nevenstaande link kunt u lezen tot welke prestatiedoorbraken de toepassing van logistiek in de bouw heeft geleid.

Resultaten onderzoek naar bouw en exploitatie van Muziekpaleis Tivoli Vredenburg

– Voor u gevonden op Internet, resultaten van een onderzoek van de rekenkamer Utrecht-

De exploitatie van TivoliVredenburg kent forse incidentele en structurele tegenvallers die deels veroorzaakt zijn door problemen met het gebouw en deels door de hoge (huisvestings-)kosten. Bij gelijkblijvende programmering, activiteiten en subsidie is volgens de rekenkamer geen sluitende exploitatie mogelijk. Voor de gemeente is in meerjarig perspectief sprake van aanzienlijke financiële risico’s. In 2006 werden de kosten voor bouw en inrichting op € 98,6 miljoen geraamd; in 2015 blijkt het te gaan om naar schatting circa € 156 miljoen. De wijze van financiële dekking leidt tot toekomstige risico’s voor de gemeente en de exploitatie van TivoliVredenburg. De rekenkamer schat deze risico’s op tenminste € 9,6 miljoen (eenmalig).

Toelichting
De bouwkosten zijn bij herhaling niet binnen het financieel kader gebleven dat de raad heeft vastgesteld voor de ontwikkeling van het Muziekpaleis. In 2006 werden de kosten voor de bouw en inrichting geraamd op € 98,6 miljoen. Het college van B&W presenteerde in de periode 2009 t/m 2014 eerst het (duurdere) aanbestedingsresultaat en daarna overschrijdingen van de bouw- en inrichtingskosten. De verhogingen zijn overigens steeds aan de raad toegelicht en door de raad goedgekeurd. Als oorzaken voor de gestegen kosten zijn onder meer genoemd de motie van de raad tot behoud van de Grote Zaal, de aanbestedingsmarkt ten tijde van de aanbesteding, de staalprijzen en onvoorziene activiteiten zoals bodemsanering. Medio 2015 is de stand van de gerealiseerde en geraamde bouw- en inrichtingskosten circa € 156 miljoen. De gemeente beschikt niet over een definitief overzicht van de totale bouwkosten. Het risico bestaat dat de meest recente overschrijding (2015) verder oploopt.

Nevenstaand de link naar de gehele rapportage met veel leerpunten om zogenaamde faalkosten in de toekomst te voorkomen. We hebben sterk het gevoel dat met de toepassing van de principes van ketensamenwerking de geschetste problemen deels voorkomen hadden kunnen worden.